ECLI:NL:GHAMS:2015:1832
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling tekortkoming in afname koffie tussen handelspartijen
In deze civiele zaak tussen appellant, handelend onder de naam [X], en Smit & Dorlas Koffiebranders B.V. stond de vraag centraal hoeveel koffie appellant te weinig had afgenomen op grond van een afnameverplichting van 450 kilo over drie jaar. Het hof heeft eerder een tussenarrest gewezen en heeft nu de definitieve vaststelling gedaan.
Appellant betwistte niet dat hij te weinig koffie had afgenomen, maar voerde aan dat het aantal te weinig afgenomen kilo’s hoger lag dan door Smit & Dorlas gesteld. Smit & Dorlas stelde dat appellant 242 kilo te weinig had afgenomen, gebaseerd op een overzicht van facturen en leveringen (productie 1). Appellant voerde aan dat leveringen mogelijk ontbraken en verwees subsidiair naar een hoger aantal van 252 kilo volgens een brief van een incassogemachtigde.
Het hof oordeelde dat Smit & Dorlas voldoende had toegelicht waarom zij haar eerdere lagere aantallen had gecorrigeerd en dat de berekening van 252 kilo onjuist was. Appellant had geen concrete aanwijzingen geleverd dat leveringen ontbraken. Het hof ging daarom uit van 242 kilo afname, wat betekent dat appellant 205 kilo te weinig had afgenomen.
Het hof vernietigde het vonnis voor zover appellant werd veroordeeld tot retournering van bruikleen, wees de incidenteel ingestelde vordering van Smit & Dorlas af en bepaalde dat partijen elk hun eigen proceskosten in principaal hoger beroep dragen, terwijl de kosten van het incidenteel hoger beroep voor rekening van Smit & Dorlas komen.
Uitkomst: Appellant heeft 205 kilo koffie te weinig afgenomen; vordering tot retournering bruikleen wordt afgewezen en overige vorderingen worden bekrachtigd of afgewezen.