ECLI:NL:GHAMS:2015:1161
Gerechtshof Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- R.G. Kemmers
- M. Wigleven
- A.V.T. de Bie
- Rechtspraak.nl
Beperking duur partneralimentatie na onnodige vertraging inschrijving echtscheiding
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de duur van de partneralimentatie kon worden beperkt vanwege onnodige vertraging bij de inschrijving van de echtscheiding. De vrouw had hoger beroep ingesteld tegen de echtscheiding, waardoor de inschrijving pas op 22 oktober 2014 plaatsvond, terwijl dit uiterlijk op 18 maart 2014 had kunnen gebeuren.
De man verzocht het hof de alimentatieduur te beperken tot twaalf jaar na de datum waarop de echtscheiding redelijkerwijs had kunnen zijn ingeschreven. Het hof oordeelde dat het hoger beroep van de vrouw misbruik van procesrecht opleverde, omdat zij daarmee de duur van de alimentatie wilde oprekken. Daarom werd de alimentatieduur verkort met de periode van onnodige vertraging, tot elf jaar en vijf maanden.
Verder stelde het hof de alimentatie vast op €1.659 per maand met ingang van 1 december 2014, rekening houdend met de pensioenuitkering die de vrouw sindsdien ontvangt. Verzoeken tot terugbetaling van teveel betaalde alimentatie en tot wijziging van voorlopige voorzieningen werden afgewezen. Proceskostenveroordelingen werden niet toegewezen vanwege de aard en uitkomst van de procedure.
Uitkomst: De partneralimentatie wordt vastgesteld op €1.659 per maand met een duur van elf jaar en vijf maanden vanwege onnodige vertraging door hoger beroep.