Uitspraak
mr. R.H. Kuiperte Zoetermeer,
mr. P. van Bommelte Franeker.
Gerechtshof Amsterdam
Appellant kocht een pelletshaard van Degin voor verwarming van zijn nieuwbouwwoning. De geleverde haard had een nominaal vermogen van 10 kW, terwijl voor de woning 18 kW nodig was. Partijen waren het erover eens dat de haard deel uitmaakte van een meeromvattend systeem, inclusief stadsverwarming of zonnecollectoren.
Appellant stelde dat de haard niet voldeed aan de overeenkomst omdat deze onvoldoende verwarmde, een hoger pelletverbruik had, een te hoge temperatuur in de woonkamer veroorzaakte en ruimteluchtafhankelijk was. Het hof oordeelde dat appellant deze verwachtingen niet redelijkerwijs mocht hebben, gezien de duidelijke communicatie over het vermogen en het samengestelde systeem.
Ook het verwijt dat de haard ruimteluchtafhankelijk was, faalde omdat de installatie door een derde was uitgevoerd en appellant bewust afzag van de rookgasafvoer die Degin had geoffreerd. Het hof verwierp alle grieven, bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde appellant in de kosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vorderingen van appellant af wegens het ontbreken van tekortkoming door de geleverde pelletshaard.