ECLI:NL:GHAMS:2014:504
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J. den Boer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aftrek onderhoudskosten monumentenpand in inkomstenbelasting
Belanghebbende, eigenaar van een monumentenpand, voerde in zijn aangifte inkomstenbelasting 2009 aanzienlijke onderhoudskosten op voor aftrek. De inspecteur accepteerde slechts een deel van deze kosten, waarna belanghebbende bezwaar maakte. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het Hof bevestigt dit oordeel.
Het geschil betrof de vraag of belanghebbende meer onderhoudskosten had gemaakt die aftrekbaar zijn volgens artikel 6.31 Wet IB 2001. Belanghebbende overhandigde diverse betalingsbewijzen en foto’s, evenals een verklaring van een klusjesman, maar het Hof vond deze onvoldoende om de hogere kosten aannemelijk te maken. Ook de door de inspecteur ingeroepen interne compensatie weerhield vermindering van de aanslag.
Het Hof concludeert dat belanghebbende niet in zijn bewijslast is geslaagd en dat het beroep ongegrond is. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. Er is geen aanleiding voor een kostenveroordeling. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 20 februari 2014.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag wordt niet verminderd.