Uitspraak
mr. A.D. van Koningsveld, kantoorhoudende te Amsterdam,
Gerechtshof Amsterdam
Hydrodent Oral Innovation B.V. werd opgericht op 29 december 2011 met twee aandeelhouders die elk 50% van de aandelen bezitten. De bestuurder, tevens enig bestuurder van de houdstermaatschappij, hield zich niet aan de verplichtingen zoals het houden van aandeelhoudersvergaderingen en het opmaken van jaarrekeningen over de jaren 2012 en 2013. Daarnaast werd een bedrag van € 150.000 door een aandeelhouder ter beschikking gesteld, waarvan onduidelijk was waaraan dit werd besteed.
De verzoeker, aandeelhouder [A], stelde herhaaldelijk vragen over de bestedingen en het beleid, maar kreeg geen adequate informatie. Ook werden betalingen aan de persoonlijke holding van de bestuurder vastgesteld zonder dat hierover een goedgekeurde managementovereenkomst bestond. De vennootschap werd in juni 2014 uit het handelsregister uitgeschreven.
De Ondernemingskamer oordeelde dat er gegronde redenen zijn om te twijfelen aan het beleid van Hydrodent en besloot een onderzoek te bevelen naar het beleid en de gang van zaken over de periode van oprichting tot 1 juli 2014. Mr. F. Kemp werd benoemd als onderzoeker, met een kostenplafond van € 10.000 exclusief btw. Hydrodent werd veroordeeld in de kosten van het geding en de kosten van het onderzoek komen voor haar rekening.
Uitkomst: De Ondernemingskamer beveelt onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Hydrodent Oral Innovation B.V. en benoemt een onderzoeker.