Uitspraak
mr. T.J. Teggelaar, kantoorhoudende te Nijmegen,
mr. R.C.W. van der Zande, kantoorhoudende te Utrecht,
[belanghebbende 5],
[belanghebbende 6],
[belanghebbende 7],
[belanghebbende 8],
mr. R.C.W. van der Zande, kantoorhoudende te Utrecht.
- verzoekster 1 met [verzoeker 1];
- verzoekster 2 met Henntech;
- deze tezamen met [verzoeksters];
- verweerster 1 met Wikkelbok;
- verweerster 2 met Hokamo;
- deze tezamen met Wikkelbok c.s.;
- belanghebbende 1 met Gica-Tech;
- belanghebbende 2 met OCA;
- belanghebbende 3 met Wijtec;
- belanghebbende 4 met Leal;
- belanghebbende 5 met [belanghebbende 5];
- belanghebbende 6 met [belanghebbende 6];
- belanghebbende 7 met [belanghebbende 7];
- belanghebbende 8 met [belanghebbende 8].
2 De feiten
[Wijtec] en [Wikkelbok] zijn overeengekomen in het kader van hun samenwerking op het gebied van in- en verkoop van kabels, dat [Wijtec] aan [Wikkelbok] het recht verleent op afroep, doch niet voor één januari tweeduizend twaalf, (…) te kopen en in eigendom te verkrijgen de helft van het aantal geplaatste aandelen in [Cabsol], tegen een prijs gelijk aan de nominale waarde van de aandelen. De optie, die is verleend voor onbepaalde tijd, kan in zijn geheel en in die gedeelten als [Wikkelbok] wenst worden uitgevoerd. (…) Ter gelegenheid van de oprichting [van Cabsol] werden 18.000 aandelen van nominaal € 1,00 geplaatst (…)”.
Aan [[A]] wordt meegedeeld dat Cabsol een leverancier van Hokamo is en dat Hokamo voor ongeveer 1 mln inkoopt bij Cabsol. Cabsol koopt voor ongeveer € 100.000 in bij Hokamo. Cabsol concurreert niet en levert vooral aan collega’s en aan (middel)grote installateurs. [[belanghebbende 5]] geeft aan dat voorheen door Hokamo ook nog wel eens aan collega’s (concurrenten) werd geleverd doch dat dat nu niet meer zo is omdat Hokamo steeds meer concurreert. Hokamo koopt ook wel eens kabels bij een concurrent.”.
De managementvergoeding is met vier procent (4%) gestegen. Deze verhoging is goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders. De stijging is niet meegenomen in het loon, maar in de managementfee. [De toenmalige accountant] licht toe (…) dat de managementvergoedingen deels via een salaris (loon) worden uitgekeerd en deels als managementfee. Sedert februari 2009 wordt de vergoeding volledig als managementfee uitgekeerd met uitzondering van de sociale lasten. (…)”.
Cabsol. Er bestaat vanaf 2012 ook een deelname in [Cabsol], voor 33 1/3 % van haar aandelenkapitaal.”.
Vraag 2: Wat zijn de beweegredenen van [Wikkelbok] geweest om over te gaan tot verwerving van deze participatie? De Voorzitter antwoordt dat de beweegredenen strategisch waren, aangezien [Cabsol] een belangrijke zakenpartner van [Wikkelbok] is. Vraag 3: Onder welke voorwaarden is deze transactie aangegaan. De voorzitter geeft aan dat het een normale zakelijke transactie van participatie betreft in een onderneming zonder randvoorwaarden. Vraag 4: Hoe is de prijs tot stand gekomen? De voorzitter deelt mede dat de prijs zesduizend euro (€ 6.000,00) bedroeg, gelijk aan de nominale waarde van de aandelen [Cabsol]. Vraag 5: Zijn er overigens gegevens die verband houden met de participatie in [Cabsol] die relevant zijn voor de aandeelhouders in [Wikkelbok] om kennis van te nemen? De voorzitter geeft aan dat dit niet het geval is. TT vraagt of er een schriftelijke overeenkomst aan de transactie ten grondslag lag. (…) TT vraagt of er voorafgaand aan de gesprekken ooit iets schriftelijk is vastgelegd. De voorzitter beaamt dit nu wel. TT vraagt of [[A] en [verzoeker 1]] dit stuk mogen inzien, hetgeen door de voorzitter ontkennend wordt beantwoord. (…) De Voorzitter licht toe dat [Wikkelbok] niet wenst dat de onderliggende overeenkomst wereldkundig wordt. [[belanghebbende 6]] voegt daar aan toe dat dit te maken heeft met de loslippigheid van [[A]]. (…) TT meldt dat hij er niet mee akkoord gaat dat er geen verdere informatie wordt verstrekt.”
3.De gronden van de beslissing
de factoeen economische en organisatorische eenheid onder gemeenschappelijke leiding vormen. Die opvatting komt de Ondernemingskamer juist voor. Deze stellingen kunnen verder onbesproken blijven.
vice versaniet op zakelijke voorwaarden worden uitgevoerd, (ii) het bestuur van Wikkelbok doelbewust geen openheid heeft gegeven over het bestaan en de inhoud van de optieovereenkomst, noch over de beweegredenen om deze aan te gaan en (iii) onduidelijk is of de gedeeltelijke uitoefening van de optie in het belang van Wikkelbok is geweest.
at arms’ lengthis gehandeld. Dat het verschil tussen de marge op verkopen aan Cabsol (10%) en die op verkopen aan andere afnemers (30%) voldoende rechtvaardiging vindt in het belang van Hokamo bij voortzetting van leveranties aan haar door Cabsol, acht de Ondernemingskamer in dit verband niet zonder meer overtuigend. Met hetgeen Wikkelbok c.s. in de gedingstukken en ter terechtzitting hebben aangevoerd, hebben zij de door hen gestelde zakelijkheid van die handelwijze, tegenover de stelling van [verzoeksters] dat Hokamo bij een marge van 10% met verliezen wordt geconfronteerd, onvoldoende inzichtelijk gemaakt.
tegen een prijs gelijk aan de nominale waarde van de aandelen’, zodat het vermoeden zich opdringt dat de optie is verleend als tegenprestatie voor door Wikkelbok en Hokamo te leveren inspanningen om de onderneming van Cabsol tot een succes te maken, zodat een deel van de toekomstige winsten en de waardevermeerdering van Cabsol als vergoeding voor die inspanningen zouden kunnen dienen. In het licht van dat vermoeden bevreemdt het dat destijds de optie niet volledig, op 50% van de aandelen, is uitgeoefend. De verklaring dat het belang van Wikkelbok bij deelname van MS4CB in Cabsol opwoog tegen haar (ten behoeve van MS4CB opgegeven) belang bij 16,6% (33,3% in plaats van 50%) van de (inmiddels behaalde en toekomstige) waardestijging en de (toekomstige) winsten van Cabsol is niet zonder nadere toelichting, welke achterwege is gebleven, bevredigend. Verder acht de Ondernemingskamer het in dit licht niet goed begrijpelijk dat Wikkelbok - kennelijk zonder meer - heeft geaccepteerd dat, alvorens zij participeerde, Wijtec zich de inmiddels behaalde winsten van Cabsol heeft doen uitkeren.
vice versaplaatsvonden. De voor het achterhouden van informatie aangedragen rechtvaardiging, te weten dat [A] bedrijfsgeheimen van Wikkelbok en Hokamo deelde met concurrenten, overtuigt niet, nu Wikkelbok c.s. die stelling slechts met verklaringen van belanghebbenden en onvoldoende concreet nader hebben toegelicht. Hier kan dan ook in het midden blijven of de vermeende loslippigheid van [A] het gebrek aan transparantie kan rechtvaardigen. De geheimzinnigheid tegenover [verzoeker 1] en [A] aangaande Cabsol versterkt de twijfel over de zakelijkheid van de transacties met Cabsol.
de factorente- en aflossingsverplichtingen draagt van een of meer aandeelhouders, en dat [verzoeker 1] over dit alles niet tot in detail is geïnformeerd. Niet gebleken is dat er grond is voor twijfel aan de juistheid van de bedragen die in de rekening-courant verhoudingen zijn geboekt. Wat er voor het overige van deze bezwaren ook zij, het is op zichzelf en zonder meer niet voldoende om bij te dragen aan twijfel aan een juist beleid van Wikkelbok c.s., zodat verdere bespreking van deze stellingen achterwege kan blijven.