ECLI:NL:GHAMS:2014:2906
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging huurovereenkomst bedrijfsruimte wegens dringend eigen gebruik afgewezen
In deze zaak betrof het een hoger beroep over de beëindiging van een huurovereenkomst van een bedrijfsruimte waarin een Italiaans restaurant werd geëxploiteerd. Verhuurder [X] had de huurovereenkomst opgezegd wegens dringend eigen gebruik voor renovatie en verbouwing van het pand. De huurder [geïntimeerde sub 1] en onderhuurder [geïntimeerde sub 2] waren het hier niet mee eens en voerden verweer.
De kantonrechter wees de vordering van [X] af omdat niet aannemelijk was dat de renovatie zonder beëindiging van de huurovereenkomst mogelijk was en omdat het persoonlijk gebruik door de directeur/aandeelhoudster [A] onvoldoende onderbouwd was. In hoger beroep stelde [X] dat de oorspronkelijke sloop/nieuwbouwplannen waren gewijzigd naar een grootscheepse renovatie van de buitenzijde en dat de zoon [B] het pand wilde exploiteren. Het hof oordeelde dat de renovatie niet de beëindiging van de huurovereenkomst rechtvaardigt en dat het businessplan van [B] onvoldoende realistisch is.
De belangenafweging leidde tot de conclusie dat van de huurder niet kan worden verlangd het gehuurde te ontruimen. De reeds uitgevoerde interne verbouwing en de geplande externe renovatie maken de situatie niet zodanig dat de huurovereenkomst moet eindigen. Het vonnis van de kantonrechter werd bekrachtigd en [X] werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot beëindiging van de huurovereenkomst wegens dringend eigen gebruik wordt afgewezen en het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd.