ECLI:NL:GHAMS:2014:2388
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling klacht tegen gerechtsdeurwaarder inzake incasso bij onder bewind gestelde schuldenaar
In deze civiele procedure heeft de bewindvoerder van een onder bewind gestelde schuldenaar een klacht ingediend tegen een gerechtsdeurwaarder wegens het rechtstreeks benaderen van de schuldenaar voor betaling van een boete, zonder de bewindvoerder hiervan op de hoogte te stellen.
De feiten zijn dat het CJIB een dwangbevel uitvaardigde en de gerechtsdeurwaarder herhaaldelijk betaling van de boete bij de bewindvoerder trachtte te incasseren. Na afwijzing van een betalingsvoorstel door de bewindvoerder heeft de gerechtsdeurwaarder de schuldenaar zelf benaderd om een betalingsregeling te treffen.
Het hof oordeelt dat deze directe benadering niet onjuist was gezien de dreiging van dwangmiddelen en het belang van de schuldenaar. Wel was het nalaten om de bewindvoerder van deze brief in kennis te stellen onzorgvuldig. Het hof verklaart de klacht gedeeltelijk gegrond, vernietigt het bestreden besluit voor zover het de kennisgeving betreft, maar legt geen maatregel op.
De overige klachten, waaronder het verwijt dat de gerechtsdeurwaarder bekend zou zijn met de schuldenpositie, zijn ongegrond verklaard. Het hof bevestigt het overige van de bestreden beslissing en behandelt de zaak in hoger beroep opnieuw in volle omvang.
Uitkomst: Klacht tegen gerechtsdeurwaarder gedeeltelijk gegrond verklaard wegens nalaten informeren bewindvoerder, geen maatregel opgelegd.