Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
3.Beoordeling
dat zij(Solveon)
de extra kosten die de bank moet maken om de vordering te incasseren bij Schut & Partners in rekening zal brengen.
Gerechtshof Amsterdam
De bank had een kredietovereenkomst met Schut & Partners en [geïntimeerde sub 1], waarbij laatstgenoemde zich hoofdelijk had verbonden. De bank zegde het krediet op vanwege overschrijding van de kredietlimiet en een gebrek aan vertrouwen, waarna de bank vorderde dat de gedaagden hoofdelijk werden veroordeeld tot betaling van de schuld.
De rechtbank had de vordering afgewezen omdat zij oordeelde dat de overschrijding van de kredietlimiet slechts gering was en de bank haar zorgplicht had geschonden door het krediet op te zeggen. De bank ging hiertegen in hoger beroep met vijf grieven.
Het hof oordeelde dat de bank ten onrechte garantieprovisie en incassokosten in mindering had gebracht, corrigeerde de schuldpositie en stelde vast dat de bank het krediet regelmatig had opgezegd. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde de gedaagden hoofdelijk tot betaling van de schuld vermeerderd met rente en proceskosten.
Uitkomst: Het hof veroordeelt de gedaagden hoofdelijk tot betaling van € 25.869,22 vermeerderd met rente en proceskosten en vernietigt het vonnis van de rechtbank.