ECLI:NL:GHAMS:2013:BZ8571
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.J. Visser
- D. Oranje
- A. Bockwinkel
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid verkoper jegens aandeelhouders kopende vennootschap niet vastgesteld
Deze civiele zaak betreft een geschil over de aansprakelijkheid van de verkoper van aandelen in Emergya Wind Technologies B.V. (EWT) tegenover de aandeelhouders van de kopende vennootschap Pecuniamos B.V. (later Inteco Capital B.V.). Appellanten, aandeelhouders van Inteco, stelden dat zij onrechtmatig waren bewogen tot een investering van € 4 miljoen op basis van onjuiste informatie over de orderportefeuille van EWT, waardoor zij schade leden.
De rechtbank wees de vordering van appellanten af, en het hof bekrachtigde dit vonnis. Het hof oordeelde dat appellanten geen eigen vordering hadden tegen de verkoper omdat de koopovereenkomst tussen verkoper en Pecuniamos was gesloten en appellanten als aandeelhouders geen specifieke zorgvuldigheidsnorm was geschonden. Tevens werd geoordeeld dat appellanten niet binnen bekwame tijd de verkoper hadden geïnformeerd over de vermeende gebreken, waardoor hun vordering niet ontvankelijk was.
Het hof verwees naar de Poot/ABP-jurisprudentie van de Hoge Raad, die stelt dat de benadeelde koper zelf actie moet ondernemen tegen de verkoper. Appellanten hadden niet toegelicht waarom zij en niet Pecuniamos deze actie voerden. Het hoger beroep werd daarom afgewezen en appellanten werden veroordeeld in de kosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vordering van appellanten af wegens gebrek aan eigen vordering en niet tijdige kennisgeving.