ECLI:NL:GHAMS:2013:BY9673
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Precariobelasting woonark gebaseerd op fictieve oppervlakte niet onredelijk of willekeurig
Belanghebbende is eigenaar van een woonark met een werkelijke oppervlakte van 115 m², gelegen aan een adres te Amsterdam. De gemeente legde voor 2011 een aanslag precariobelasting op, gebaseerd op een fictieve oppervlakte van 129 m², berekend volgens de grootste rechthoek methode zoals omschreven in de Verordening Precariobelasting 2011.
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag, maar dit werd door de heffingsambtenaar en vervolgens door de rechtbank ongegrond verklaard. Het Gerechtshof Amsterdam bevestigde deze uitspraak in hoger beroep. Het hof oordeelde dat de gebruikte heffingsmaatstaf objectief is en binnen de grenzen van artikel 219, tweede lid, van de Gemeentewet valt.
Hoewel de belasting over een groter oppervlak wordt geheven dan het werkelijke oppervlak en mogelijk een deel dubbel wordt belast, acht het hof dit niet onredelijk of willekeurig. De methode is gerechtvaardigd vanuit het oogpunt van eenvormigheid en efficiency. Er is geen strijd met algemene rechtsbeginselen vastgesteld. De aanslag van € 735,30 is derhalve terecht opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag precariobelasting van € 735,30 bevestigd.