Uitspraak
mr. A. van Heeste Amsterdam,
mr. S.M. Postmate Amsterdam.
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de Rabobank een geldig vuistpandrecht had op activa van Tatra Wood Corporation B.V. en of de curator schadevergoeding kon vorderen wegens vermeende onrechtmatige executie.
De Rabobank had een pandrecht op activa van failliete onderneming [F], dat teniet zou zijn gegaan door een executieveiling. De curator stelde dat de Rabobank onrechtmatig had gehandeld door executie van activa waarop nog eigendomsvoorbehoud rustte. De kantonrechter had de Rabobank veroordeeld tot betaling van schadevergoeding, onder voorwaarde van zekerheidstelling.
Het hof oordeelde dat de curator door afstand van het eigendomsvoorbehoud op 26 november 2007 de Rabobank bevoegd had gemaakt tot het vestigen van een geldig vuistpandrecht. Daarmee was de executie rechtmatig en werd de schadevordering afgewezen. Ook werd geoordeeld dat de Rabobank zich terecht op haar algemene voorwaarden mocht beroepen en dat de curator onvoldoende had onderbouwd dat deze niet van toepassing waren.
Het hof vernietigde de eerdere vonnissen en veroordeelde de curator in de kosten van het geding in eerste aanleg en hoger beroep, uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vorderingen van de curator worden afgewezen vanwege geldigheid van het vuistpandrecht na afstand van het eigendomsvoorbehoud.