Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
- de man, bijgestaan door zijn advocaat;
- mevrouw C. Geldof namens de Raad voor de Kinderbescherming Regio Amsterdam Gooi en Vecht, locatie Amsterdam (hierna: de Raad).
2.De feiten
3.Het geschil in hoger beroep
- Hoe is de ontwikkeling van [de minderjarige] tot nog toe verlopen?
- Wat zijn de pedagogische mogelijkheden van beide partijen?
- Welke hoofdverblijfplaats is het meest in het belang van de minderjarige?
- Welke mogelijkheden zijn er voor een regeling inzake de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken tussen de ouders?
- Zijn er factoren die een regeling belemmeren? Zo ja, welke komen vanuit de minderjarige en welke vanuit de ouders? Hoe en op welke termijn zijn deze belemmeringen op te heffen?
- Hoe dient de regeling qua vorm en frequentie, in het belang van de minderjarige vorm te worden gegeven?
- Zijn er andere feiten en omstandigheden die de rechtbank bij haar oordeel moet betrekken?
- Hoe is de ontwikkeling van [de minderjarige] tot nog toe verlopen?
- Wat zijn de pedagogische mogelijkheden van beide partijen?
- Hoe is de relatie tussen [de minderjarige] en zijn beide ouders?
- Welke mogelijkheden zijn er voor een regeling inzake de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken tussen de ouders?
- Zijn er factoren die een regeling belemmeren? Zo ja, welke komen vanuit de minderjarige en welke vanuit de ouders? Hoe en op welke termijn zijn deze belemmeringen op te heffen?
- Hoe dient de regeling qua vorm en frequentie, in het belang van de minderjarige vorm te worden gegeven?
- Zijn er andere feiten en omstandigheden die de rechtbank bij haar oordeel moet betrekken?