ECLI:NL:GHAMS:2013:3534

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
22 oktober 2013
Publicatiedatum
25 oktober 2013
Zaaknummer
200.103.507-01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 31 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelarrest betaling aan Vereniging van Eigenaren na correctie vonnis eerste aanleg

In deze civiele zaak stond de betaling van een bedrag door appellant aan de Vereniging van Eigenaren (VVE) centraal. Het hof had op 4 juni 2013 een arrest gewezen waarin appellant veroordeeld werd tot betaling van €4.761,39 aan de VVE. Na dit arrest stelde de advocaat van de VVE dat het hof een kennelijke fout had gemaakt omdat het niet had meegewogen dat het vonnis in eerste aanleg van 2 november 2011 was gecorrigeerd op 23 november 2011, waarbij het toegewezen bedrag was verhoogd van €9.288,39 naar €11.350,77.

Het hof erkende deze fout en stelde vast dat het arrest van 4 juni 2013 appellant onterecht had veroordeeld tot een lager bedrag dan het juiste saldo. De juiste betalingsverplichting van appellant aan de VVE bedroeg €6.823,77, zijnde het gecorrigeerde bedrag minus reeds toegewezen bedragen. Omdat het hier een kennelijke vergissing betrof die eenvoudig te herstellen was volgens artikel 31 Rv Pro, besloot het hof het arrest te verbeteren.

Het arrest van 22 oktober 2013 corrigeert het eerdere arrest door het betalingsbedrag te verhogen en bevestigt dat appellant dit bedrag, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 28 februari 2011, aan de VVE moet voldoen. Deze uitspraak bevestigt de rechtsgeldigheid van de correctie van het vonnis in eerste aanleg en zorgt voor een juiste financiële afwikkeling tussen partijen.

Uitkomst: Het arrest van 4 juni 2013 wordt hersteld door appellant te veroordelen tot betaling van €6.823,77 aan de VVE, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 28 februari 2011.

Uitspraak

arrest
___________________________________________________________________ _ _
GERECHTSHOF AMSTERDAM
afdeling civiel recht en belastingrecht, team II
zaaknummer : 200.103.507/01
zaak-/rolnummer rechtbank Amsterdam : 484765/HA ZA 11-754
arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 22 oktober 2013
inzake
[appellant]
wonend te [woonplaats],
appellant,
advocaat:
mr. M.G. Coutinhote Amsterdam,
tegen:
de vereniging VERENINGING VAN EIGENAARS WONINGEN WOLBRANTSKERKWEG WACHTER II AMSTERDAM,
gevestigd te Amsterdam,
geïntimeerde,
advocaat: mr
. G.J.A. Wiekartte Amsterdam.

1.Het geding in hoger beroep

Partijen worden hierna wederom [appellant] en VVE genoemd.
Het hof heeft in deze zaak op 4 juni 2013 een arrest uitgesproken. Bij brief van 8 augustus 2013 heeft mr. Wiekart zich namens VVE op het standpunt gesteld dat het arrest een kennelijke fout bevat en herstel daarvan verzocht. Mr. Coutinho voornoemd heeft van de geboden gelegenheid om op het verzoek te reageren geen gebruik gemaakt.

2.Beoordeling

2.1
Terecht heeft mr. Wiekart erop gewezen dat het hof in het arrest van 4 juni 2013 eraan is voorbijgegaan dat het vonnis in eerste aanleg van 2 november 2011 is gecorrigeerd door middel van het vonnis van 23 november 2011. In het eerste vonnis had de rechtbank een - te laag - bedrag toegewezen van € 9.288,39 dat in het tweede vonnis is hersteld en toegewezen tot een bedrag van € 11.350,77.
2.2
In 3.7 van voornoemd arrest heeft het hof overwogen dat het bestreden vonnis in conventie zal worden vernietigd voor zover [appellant] is veroordeeld om afrekeningen van € 3.726,-- en € 801,-- (in totaal € 4.527,--) aan VVE te betalen. Gelet op het in 2.1 overwogene had het hof [appellant] moeten veroordelen tot betaling van € 6.823,77 (€ 11.350,77 minus € 4.527,--) in plaats van € 4.761,39.
Aangezien dit een kennelijke vergissing is, die zich op de voet van artikel 31 Rv Pro. voor eenvoudig herstel leent, zal het hof voornoemde kennelijke fout daarom verbeteren.

3.Beslissing

Het hof:
verbetert het in deze zaak op 4 juni 2013 uitgesproken arrest aldus dat de vierde regel van het dictum waar staat:
“ veroordeelt [appellant] tot betaling van een bedrag van € 4.761,39 aan VVE, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 28 februari 2011 tot aan de dag van voldoening”;
wordt gewijzigd in:
“ veroordeelt [appellant] tot betaling van een bedrag van € 6.823,77 aan VVE, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 28 februari 2011 tot aan de dag van voldoening”;
stelt de verbetering op de minuut van dat arrest.
Dit arrest is gewezen door mrs. W.J. Noordhuizen, E.M. Polak en M.E. van Rossum en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 22 oktober 2013.