ECLI:NL:GHAMS:2012:BZ4180
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- D. Kingma
- R.G. Kemmers
- J.Th.L. Brouwer
- Rechtspraak.nl
Vervangende toestemming verhuizing kinderen naar buitenland en omgangsregeling
Partijen zijn uit elkaar gegaan en oefenen gezamenlijk het gezag uit over hun twee kinderen. De moeder wil met de kinderen naar het buitenland verhuizen vanwege betere werkgelegenheid en een sociaal netwerk daar, terwijl de vader bezwaar maakt uit vrees het contact met de kinderen te verliezen en twijfels over de uitvoerbaarheid van de omgangsregeling.
Het hof weegt het belang van de kinderen voorop en oordeelt dat de verhuizing naar het buitenland in hun belang is, mede omdat de oudste zelf uitdrukkelijk wil verhuizen en de moeder een passende school en opvang heeft geregeld. De omgangsregeling wordt zo vastgesteld dat de vader twee weekenden per vier weken de kinderen ontvangt, vakanties worden verdeeld en er dagelijks contact via digitale middelen is.
De moeder krijgt vervangende toestemming voor de verhuizing en het inschrijven van de kinderen op school en crèche in het buitenland. Het verzoek om een bijzondere curator voor het oudste kind wordt afgewezen omdat de moeder geen belang meer heeft bij dit verzoek na toestemming voor verhuizing. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt eveneens afgewezen.
Uitkomst: Het hof verleent vervangende toestemming voor verhuizing naar het buitenland en stelt een omgangsregeling vast.