ECLI:NL:GHAMS:2012:BZ3750
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- D.J. van der Kwaak
- C. Uriot
- J.F.M. Strijbos
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over geoorloofdheid van politieke uitlatingen en rectificatieverzoek
In deze civiele zaak stonden twee gemeenteraadsleden tegenover elkaar na een politieke advertentie en een daaropvolgende ingezonden brief. [Appellant] vorderde rectificatie van een brief van [Geïntimeerde], waarin hij werd bekritiseerd en beschuldigd van onfatsoenlijk gedrag en nalatigheid in het minimabeleid.
De rechtbank had de vordering afgewezen, stellende dat de uitlatingen binnen het kader van een politiek debat vielen en als waardeoordelen moesten worden gezien. Het hof bevestigde dit oordeel en benadrukte dat de uitingen herkenbaar waren als onderdeel van een politieke discussie, waarbij beide partijen publieke figuren zijn.
Het hof overwoog dat het recht op vrijheid van meningsuiting, zeker in politieke contexten, een bijzonder gewicht heeft en dat kritiek op politieke ambtsdragers ruim moet worden toegestaan. De uitlatingen van [Geïntimeerde] waren feitelijk niet onjuist of betroffen waardeoordelen, en vormden geen ongepaste inbreuk op de eer en goede naam van [Appellant].
Daarom werd het hoger beroep verworpen, het vonnis van de rechtbank bekrachtigd en [Appellant] veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot rectificatie af en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.