ECLI:NL:GHAMS:2012:BY9041
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot ontheffing bestuurder en wijziging directie bij De Orthopedische Schoenmakerij B.V.
De Ondernemingskamer heeft op 5 december 2012 uitspraak gedaan in de zaak tussen Cornelis Praamstra en De Orthopedische Schoenmakerij B.V. (DOS) en Van Bekkum Holding. Praamstra verzocht om onmiddellijke voorzieningen, waaronder het ontheffen van Korringa als tijdelijk bestuurder en beheerder van aandelen van DOS, en het verbod op betaling van managementvergoedingen aan Van Bekkum Holding.
De Ondernemingskamer overwoog dat het onderzoek naar het beleid van DOS zich richtte op de periode vanaf 1 januari 2011 tot aan 1 juni 2012 en dat het verzoek van Praamstra niet strekte tot een onderzoek over de periode vanaf 1 juni 2012 toen Korringa bestuurder werd. De taak van Korringa als tijdelijk bestuurder is vooral gericht op het nemen van besluiten in het belang van de vennootschap, met een ruime beoordelingsmarge.
De door Praamstra geuite verwijten tegen Korringa, waaronder het niet beëindigen van de inzet van Witteveen, het toestaan van een vermeende nevenvestiging, en het uitbetalen van managementfees, werden door de Ondernemingskamer onvoldoende onderbouwd geacht. Daarbij speelde mee de ernstig verstoorde verstandhouding tussen Praamstra en Van Bekkum Holding en het belang van continuïteit van DOS.
De Ondernemingskamer concludeerde dat de verwijten geen toereikende grondslag boden voor het toegewezen verzoek en wees het verzoek af. Praamstra werd veroordeeld in de proceskosten, begroot op €2.682. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het verzoek tot ontheffing van Korringa als bestuurder en wijziging van de directie werd afgewezen en Praamstra werd veroordeeld in de proceskosten.