ECLI:NL:GHAMS:2012:BY4163
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- C.G. Kleene-Eijk
- A.R. Sturhoofd
- A.V.T. de Bie
- Rechtspraak.nl
Benadeling van de huwelijksgoederengemeenschap door erkenning schulden zonder instemming echtgenote
Partijen waren gehuwd in algehele gemeenschap van goederen en zijn in 2010 gescheiden. De man had in 1980 en 1989 geld geleend van familieleden ([X] c.s.) voor de aankoop van onroerend goed. Deze schulden behoorden tot de huwelijksgemeenschap. Na de echtscheiding werd de gemeenschap nog niet verdeeld.
[X] c.s. dagvaardden de man voor terugbetaling van de leningen. De man erkende de vorderingen, hoewel hij zich had kunnen beroepen op verjaring en een akte van kwijting uit 1994. De vrouw kwam tussen in de procedure en vorderde onder meer dat de vorderingen niet langer op haar aandeel in de gemeenschap konden worden verhaald.
De rechtbank oordeelde dat de vrouw terecht een beroep op verjaring kon doen en dat de man door erkenning van de schulden zonder instemming van de vrouw de gemeenschap heeft benadeeld. Het hof bevestigt dit oordeel en wijst de grieven van de man af. Het hof veroordeelt de man in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de man de huwelijksgoederengemeenschap heeft benadeeld door schulden te erkennen zonder instemming van de vrouw.