ECLI:NL:GHAMS:2012:BW8050
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt rechtsgeldigheid wijziging onvoorwaardelijke pensioenindexatie in voorwaardelijke indexatie per 2011
In deze pensioenzaak stond centraal of de pensioenreglementen vanaf 2000 een recht op onvoorwaardelijke indexatie van pensioenen bevatten en of de wijziging in 2006 van onvoorwaardelijke naar voorwaardelijke indexatie per 1 januari 2011 rechtsgeldig was. De Vereniging van Gepensioneerden en individuele gewezen deelnemers stelden dat onvoorwaardelijke indexatie onvoorwaardelijk en onveranderbaar was en dat de wijziging niet rechtsgeldig kon zijn.
Het hof stelde vast dat de pensioenreglementen vanaf 2000 een voorwaardelijke indexatie bevatten, zoals blijkt uit de tekstuele uitleg van de reglementen. Communicatie over de wijziging was niet vereist voor rechtsgeldigheid en er was geen gerechtvaardigd vertrouwen op onvoorwaardelijke voortzetting. Het hof oordeelde dat het pensioenfonds bevoegd was de wijziging door te voeren, mede gelet op het financieel toetsingskader en het harmonisatiebesluit van 2006.
De Vereniging c.s. werd niet-ontvankelijk verklaard in haar vorderingen tegen bepaalde vonnissen en haar grieven werden afgewezen. Het hof bekrachtigde de bestreden vonnissen en veroordeelde de Vereniging c.s. in de proceskosten. De wijziging van onvoorwaardelijke naar voorwaardelijke indexatie was rechtsgeldig en er was geen misbruik van bevoegdheid door het pensioenfonds.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de bestreden vonnissen en verklaart de wijziging van onvoorwaardelijke naar voorwaardelijke pensioenindexatie per 2011 rechtsgeldig.