ECLI:NL:GHAMS:2012:BW1420
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.P. van Achterberg
- D.J. Oranje
- E.J.H. Schrage
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt gebondenheid aan Duisenbergregeling en toewijzing vordering effectenlease
In deze civiele zaak gaat het om de vordering van appellant tegen geïntimeerde wegens niet-betaalde bedragen uit effectenleaseovereenkomsten met Dexia Bank Nederland, later overgedragen aan appellant. De rechtbank had de vordering afgewezen wegens onvoldoende specificatie. Het hof stelt vast dat de feiten onbetwist zijn en bevestigt dat geïntimeerde gebonden is aan de algemeen verbindend verklaarde Duisenbergregeling.
Het hof oordeelt dat de vordering niet is verjaard omdat de vijfjarige verjaringstermijn bij de eerste sommatie nog niet was verstreken en dat er geen sprake is van rechtsverwerking. Appellant mocht in hoger beroep de vordering nader specificeren, hetgeen zij ook deed. Geïntimeerde heeft de specificatie niet bestreden, zodat het hof de hoofdsom van € 5.880,51 toewijst.
De vordering voor buitengerechtelijke incassokosten wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Ook de proceskosten van eerste aanleg worden niet toegewezen aan appellant omdat zij in eerste aanleg verzuimd heeft haar vordering voldoende te specificeren. Geïntimeerde wordt veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Geïntimeerde wordt veroordeeld tot betaling van € 5.880,51 plus wettelijke rente vanaf 22 februari 2007.