ECLI:NL:GHAMS:2012:BV8901
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- C.G. Kleene-Eijk
- C.A. Joustra
- B.F.P. Lhoëst
- Rechtspraak.nl
Toepasselijk recht op huwelijksvermogensregime bij verblijf in Turkije en Nederland
Partijen zijn in december 1996 in Turkije gehuwd zonder huwelijkse voorwaarden. De vrouw bleef aanvankelijk in Turkije en reisde in juni 1997 naar Nederland om bij de man te gaan wonen. Het hof bevestigt dat Nederland als eerste huwelijksdomicilie geldt, ondanks dat de vrouw pas na iets meer dan zes maanden naar Nederland verhuisde.
Volgens het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op het huwelijksvermogensregime (1978) is het regime in beginsel beheerst door het recht van de staat waar de echtgenoten hun eerste gewone verblijfplaats na het huwelijk vestigen. Omdat partijen beide de Turkse nationaliteit hebben en Turkije geen partij is bij het Verdrag, is Turks recht primair van toepassing vanaf het huwelijk.
Echter, na meer dan tien jaar gezamenlijke verblijfplaats in Nederland, wordt het regime beheerst door Nederlands recht vanaf juni 2007. Het hof vernietigt eerdere beschikkingen en bepaalt dat het regime van december 1996 tot juni 2007 onder Turks recht valt en vanaf juni 2007 tot juni 2010 onder Nederlands recht. De zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank voor verdere afwikkeling.
Uitkomst: Het hof bepaalt dat het huwelijksvermogensregime tot juni 2007 door Turks recht wordt beheerst en vanaf juni 2007 door Nederlands recht, en verwijst de zaak terug naar de rechtbank.