ECLI:NL:GHAMS:2011:BW7222
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst niet gerechtvaardigd door geluidsoverlast en drugsoverlast
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de door de huurder veroorzaakte geluidsoverlast en drugsoverlast voldoende waren om de ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning te rechtvaardigen. De appellant, de verhuurder, bracht getuigenverklaringen in, waaronder die van een benedenbuurman en een buurtregisseur van de politie.
De verklaring van de buurtregisseur werd als betrouwbaar en objectief beoordeeld. Hij stelde vast dat de huurder alcoholverslaafd was, maar geen drugsverslaafde, en dat er geen aanwijzingen waren voor drugshandel vanuit de woning. Ook waren er weinig klachten over overlast en beperkte aanloop van bezoekers. De verklaring van de buurman over geluidsoverlast werd slechts beperkt ondersteund.
De huurder voerde aan dat eventuele tekortkomingen te gering waren om ontbinding te rechtvaardigen. Het hof concludeerde dat de verhuurder niet had bewezen dat de overlast zodanig was dat ontbinding en ontruiming gerechtvaardigd waren. Ook de geringe huurachterstand was onvoldoende grond voor ontbinding. Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde de appellant in de proceskosten.
Uitkomst: Ontbinding huurovereenkomst en ontruiming worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs van overlast en geringe huurachterstand.