ECLI:NL:GHAMS:2011:BW7103
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis over betaling en meerwerk bij heiwerkzaamheden tussen bouwbedrijf en aannemer
In deze civiele zaak vordert de aannemer betaling van €33.918,20 voor uitgevoerde heiwerkzaamheden en meerwerk aan het bouwbedrijf. De rechtbank kende dit bedrag toe, vermeerderd met rente en proceskosten. Het bouwbedrijf kwam hiertegen in hoger beroep met diverse grieven, waaronder betwisting van ontvangst van brieven, de omvang van het toegewezen bedrag en de kwaliteit van het werk.
Het hof neemt de feiten zoals vastgesteld door de rechtbank over en oordeelt dat de stellingen van het bouwbedrijf onvoldoende gemotiveerd zijn om het vonnis te wijzigen. De stelling dat €5.000 teveel is toegewezen wordt buiten beschouwing gelaten omdat deze te laat is ingebracht. Het hof overweegt dat de aannemer de brieven heeft verzonden, maar dat dit niet automatisch betekent dat deze de bouwbedrijf hebben bereikt. Ook de bewijsaanbiedingen van het bouwbedrijf zijn te vaag of irrelevant.
Verder oordeelt het hof dat de overeengekomen prijzen en meerwerk juist zijn vastgesteld, dat de stagnatiekosten terecht zijn toegewezen en dat de tegenvorderingen wegens gebreken onvoldoende zijn onderbouwd. De grieven falen derhalve en het hof bekrachtigt het vonnis, veroordeelt het bouwbedrijf in de proceskosten van het hoger beroep en verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt het bouwbedrijf tot betaling van €33.918,20 plus rente en kosten.