ECLI:NL:GHAMS:2011:BU1855
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- R.G. Kemmers
- C.G. Kleene-Eijk
- B.F.P. Lhoëst
- Rechtspraak.nl
Verdeling schulden en betalingsverplichtingen na ontbinding huwelijk en vastgoedverdeling
Partijen waren gehuwd, vervolgens gescheiden en hertrouwd, waarna het huwelijk definitief werd ontbonden. Tijdens het huwelijk zijn aanzienlijke schulden aangegaan bij de Postbank en Comfort Card. De rechtbank had bepaald dat de man deze schulden draagt, met een verplichting voor de vrouw om de helft aan hem te voldoen.
De vrouw vreesde dubbele betaling indien zij haar deel aan de man zou voldoen, omdat hij mogelijk niet zou betalen. Zij verzocht daarom om rechtstreekse betaling aan de schuldeisers. De man stelde dat de schuld aan de Postbank aan de vrouw verknocht was, omdat zij een deel van het krediet had ingebracht voor de bouw van de woning in Marokko.
Het hof oordeelde dat de man de schulden als eigen schuld moet dragen, maar achtte het redelijk dat de vrouw haar deel rechtstreeks aan de schuldeisers betaalt om risico's van dubbele betaling te vermijden. De rechtbankbeschikking werd op dit punt vernietigd en opnieuw bepaald, terwijl het incidenteel hoger beroep van de man werd afgewezen.
Uitkomst: De man draagt de volledige schuld, de vrouw betaalt haar deel rechtstreeks aan schuldeisers met executierecht voor de man bij onderbetaling.