ECLI:NL:GHAMS:2011:BT7148
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.M.A. Gerritzen-Gunst
- A. van Haeringen
- A.V.T. de Bie
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof verklaart Nederlandse rechter onbevoegd in gezagszaak kinderen met verblijf in Spanje
De zaak betreft een geschil tussen ouders over het ouderlijk gezag en de verblijfplaats van hun twee kinderen, die in 2010 met de moeder naar Spanje vertrokken. De vader verzocht de Nederlandse rechter om het gezag en de hoofdverblijfplaats vast te stellen, terwijl de moeder zich op het standpunt stelde dat de Spaanse rechter bevoegd was.
Het hof onderzocht of de kinderen op het moment van indiening van het verzoek hun gewone verblijfplaats in Nederland of Spanje hadden. Uit feiten als inschrijving in Spaanse registers, schoolbezoek en het opzeggen van de Nederlandse woning concludeerde het hof dat de kinderen duurzaam in Spanje verbleven.
Op grond van Brussel IIbis-verordening is de rechter van de lidstaat waar het kind zijn gewone verblijfplaats heeft bevoegd. Het hof verklaarde daarom de Nederlandse rechter onbevoegd en wees het verzoek af. Het hof wees ook het verzoek van de moeder af om de zaak door te verwijzen naar de Spaanse rechter, omdat Brussel IIbis dit niet toestaat.
De beschikking van de rechtbank werd vernietigd en het hoger beroep van de moeder werd gegrond verklaard. De zaak werd daarmee definitief toegewezen aan de Spaanse rechter.
Uitkomst: De Nederlandse rechter is onbevoegd kennis te nemen van het verzoek omdat de kinderen hun gewone verblijfplaats in Spanje hadden.