ECLI:NL:GHAMS:2011:BT6557
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- W.J. Noordhuizen
- C.C. Meijer
- G.C.C. Lewin
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis inzake onduidelijkheden voorraadadministratie en verontreiniging sojaolie
In deze civiele zaak tussen Verstegen Spices en Sauces B.V. en Oliehoorn B.V. draait het geschil om de vraag of de verontreiniging van sojaolie aan Oliehoorn kan worden toegerekend. Verstegen probeerde door middel van getuigenverklaringen en administratieve stukken aan te tonen dat bepaalde containers maximaal 48 uur voor de ontdekking van zwarte bellen waren geopend.
Het hof constateerde dat de administratie van Verstegen onvoldoende inzicht gaf in de exacte openingsdagen van containers, mede door onvolledige en foutieve registratie van partijnummers en leveringsdata. Getuigen konden niet bevestigen wanneer containers daadwerkelijk werden geopend. Verstegen bracht pas laat in de procedure aanvullende stukken in, zonder het getuigenverhoor te heropenen, wat het hof als strijdig met de goede procesorde beschouwde.
Omdat het bewijs ontbrak dat de verontreiniging het gevolg was van een aan Oliehoorn toe te rekenen oorzaak, wees het hof de grieven van Verstegen af en bekrachtigde het het bestreden vonnis. Verstegen werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de grieven af wegens onvoldoende bewijs van toerekening verontreiniging aan Oliehoorn.