ECLI:NL:GHAMS:2011:BT1694
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.V.T. de Bie
- R.G. Kemmers
- L.M. Coenraad
- Rechtspraak.nl
Ouder met eenhoofdig gezag bevoegd hoofdverblijfplaats minderjarige te bepalen zonder machtiging uithuisplaatsing
Uit een verbroken relatie tussen de moeder en vader is een minderjarige geboren. De vader is bij beschikking van de rechtbank belast met het eenhoofdig gezag over het kind en is een omgangsregeling vastgesteld. De moeder voerde aan dat de hoofdverblijfplaats bij haar lag, terwijl de vader het kind bij zich had genomen zonder machtiging uithuisplaatsing.
De Raad voor de Kinderbescherming en Bureau Jeugdzorg Noord-Holland waren betrokken bij de zorg en uithuisplaatsing van het kind, waarbij het kind tijdelijk in een crisisopvang verbleef en later bij de vader werd geplaatst. De moeder stelde hoger beroep in tegen beslissingen die BJZNH niet-ontvankelijk verklaarden in haar verzoek tot verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing.
Het hof oordeelde dat uit de beschikking van de rechtbank niet ondubbelzinnig volgt dat de hoofdverblijfplaats bij de moeder was bepaald. Aangezien de vader het eenhoofdig gezag uitoefent, is hij bevoegd de hoofdverblijfplaats te bepalen zonder dat een machtiging tot uithuisplaatsing vereist is. De grieven van de moeder faalden, waaronder haar verzoek tot het horen van deskundigen. Het hof bekrachtigde de bestreden beschikkingen en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de bestreden beschikkingen en wijst het hoger beroep van de moeder af, bevestigend dat de vader bevoegd is de hoofdverblijfplaats te bepalen zonder machtiging tot uithuisplaatsing.