ECLI:NL:GHAMS:2011:BR4709
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.M. Vrouwenvelder
- J.T. Sanders
- E. van Waaijen
- Rechtspraak.nl
Belastingplichtige kwalificeert als ondernemer en aftrek borrelkosten toegestaan
Eiser, een belastingkundige, werkte vanaf 2003 als of counsel bij [F] en had daarnaast andere opdrachtgevers. De vraag was of zijn inkomsten uit werkzaamheden voor [F] als winst uit onderneming of als loon uit dienstbetrekking moesten worden aangemerkt. Het hof bevestigde dat eiser voldoende zelfstandig was en ondernemersrisico liep, waardoor sprake was van winst uit onderneming. Tevens werd geoordeeld dat de kosten van een in 2003 georganiseerde borrel zakelijk waren en voor 90% aftrekbaar.
De rechtbank had eerder geoordeeld dat eiser als ondernemer moest worden gezien en de aanslagen IB/PVV 2003 en 2004 dienden te worden verminderd. Het hof sloot zich hierbij aan, maar corrigeerde de aanslag 2003 verder door rekening te houden met een investeringsaftrek van €1.365, waardoor het belastbaar inkomen uit werk en woning werd verminderd tot €94.017.
Het hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank voor zover deze betrekking had op de aanslag IB/PVV 2003, verklaarde het beroep gegrond, en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten. De uitspraak bevestigt dat zelfstandigheid en ondernemersrisico bepalend zijn voor de kwalificatie van inkomsten en dat zakelijke kosten, zoals een promotionele borrel, aftrekbaar kunnen zijn.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep gegrond en vermindert de aanslag IB/PVV 2003 tot een belastbaar inkomen uit werk en woning van €94.017.