ECLI:NL:GHAMS:2011:BR1728
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen arbeidsovereenkomst tussen sollicitant en Wavecall ondanks reis naar VS en onderhandelingen
Appellant reageerde op een vacature bij Wavecall en reisde van 2 tot 7 november 2005 naar de Verenigde Staten om verkoopbijeenkomsten bij te wonen, waarbij hij een laptop en e-mailadres van Wavecall kreeg. Na terugkeer zette hij zijn werkzaamheden bij zijn toenmalige werkgever voort. Wavecall stelde dat er geen arbeidsovereenkomst was en bood een vergoeding aan, die appellant niet accepteerde.
De kantonrechter oordeelde dat appellant niet had bewezen dat er overeenstemming was over essentiële onderdelen van een arbeidsovereenkomst en wees zijn vorderingen af. Appellant ging in hoger beroep en stelde dat hij op 30 oktober 2005 met Wavecall overeenstemming had bereikt over arbeidsvoorwaarden en dat de arbeidsovereenkomst op 2 november 2005 was ingegaan.
Het hof stelde vast dat appellant zich na terugkeer niet gedroeg alsof er een arbeidsovereenkomst bestond, dat hij geen concrete feiten had gesteld waaruit werk voor Wavecall bleek, en dat de omstandigheden rondom de reis naar de VS niet duidden op een tot stand gekomen arbeidsovereenkomst. Ook de stelling dat de onderhandelingen te ver gevorderd waren om zonder schadevergoeding te worden afgebroken, faalde. Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde appellant in de kosten.
Uitkomst: Het hof oordeelt dat geen arbeidsovereenkomst tot stand is gekomen en wijst de vorderingen van appellant af.