ECLI:NL:GHAMS:2011:BP4823
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.V.T. de Bie
- A. van Haeringen
- E.A. Maan
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep bijdrage kosten levensonderhoud en studie meerderjarige zoon na echtscheiding
De zaak betreft een hoger beroep van een zoon die na zijn meerderjarigheid een bijdrage in de kosten van levensonderhoud en studie van zijn vader vordert. De ouders zijn gescheiden en de vader is verplicht tot het betalen van kinderalimentatie. De zoon werd in eerste aanleg vertegenwoordigd door zijn moeder en trad in hoger beroep zelfstandig op.
Het hof oordeelt dat de zoon niet-ontvankelijk is voor het deel van zijn verzoek dat betrekking heeft op de periode vóór zijn meerderjarigheid, omdat hij toen nog geen rechthebbende was. Voor de periode na zijn meerderjarigheid is hij ontvankelijk. De draagkracht van de vader wordt berekend op basis van zijn netto salaris, een suppletie van zijn werkgever ter compensatie van een WAO-gat, en noodzakelijke lasten zoals gezamenlijke schulden uit het huwelijk.
De rechtbank had een bijdrage van € 300,- per maand afgewezen, maar het hof stelt vast dat de vader voldoende draagkracht heeft voor een lagere bijdrage. Het hof bepaalt de bijdrage op € 30,- per maand vanaf de meerderjarigheid van de zoon. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De vader moet vanaf de meerderjarigheid van de zoon een bijdrage van € 30,- per maand betalen in de kosten van levensonderhoud en studie.