ECLI:NL:GHAMS:2010:BP0651
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ontslag op staande voet onderwijzeres wegens onregelmatigheden en nietigheid
In deze arbeidsrechtelijke zaak gaat het om het hoger beroep van een lerares Engels tegen haar ontslag op staande voet door Stichting Dunamare Onderwijsgroep. De lerares betoogde dat het ontslag nietig was omdat het niet door een bevoegde persoon was gegeven en omdat de Commissie van Beroep voor het Voortgezet Onderwijs had geoordeeld dat er geen dringende reden voor ontslag was. Tevens stelde zij dat het ontslag onregelmatig en kennelijk onredelijk was.
Het hof overwoog dat het ontslag niet nietig is, omdat de volmacht van de gemachtigde advocaat niet tijdig ter discussie was gesteld en het wettelijke systeem van arbeidsbeëindiging een uitputtend stelsel kent waarin een ontslag alleen in specifieke gevallen nietig of vernietigbaar is. Het oordeel van de Commissie bindt Dunamare niet tot intrekking van het ontslag. Wel werd erkend dat het ontslag onregelmatig was omdat geen opzegtermijn in acht was genomen.
De vorderingen van de lerares tot nietigverklaring van het ontslag, nakoming van de uitspraak van de Commissie, en schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag zijn afgewezen. Het hof bevestigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde de lerares in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vorderingen van de lerares af; het ontslag op staande voet is niet nietig maar wel onregelmatig.