ECLI:NL:GHAMS:2010:BO5003
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst wegens illegale onderverhuur van woonruimte
In deze zaak huurde appellant een flatwoning van woningstichting Wherestad. De huurovereenkomst bevatte een clausule die onderverhuur zonder schriftelijke toestemming verbood. Appellant bood vanaf medio 2008 twee personen onderdak in de woning, die hem maandelijks een vergoeding betaalden. Dit werd door de verhuurder aangemerkt als illegale onderverhuur.
De kantonrechter oordeelde dat appellant de huurovereenkomst had geschonden en sprak ontbinding uit met ontruiming van de woning. Appellant voerde in hoger beroep aan dat er geen sprake was van onderverhuur of gebruiksverlening, en dat de omstandigheden, waaronder zijn persoonlijke situatie als ex-verslaafde, ontbinding niet rechtvaardigden.
Het hof verwierp deze grieven. Het verblijf van de twee personen tegen betaling werd als gebruiksverlening aangemerkt zonder vereiste toestemming. Ook de persoonlijke omstandigheden van appellant konden de ernst van de tekortkoming niet verminderen. Het hof bekrachtigde het vonnis en veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ontbinding van de huurovereenkomst wegens illegale onderverhuur zonder schriftelijke toestemming.