ECLI:NL:GHAMS:2010:BM8183

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
16 juni 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
200.015.810 OK
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
  • Ingelse
  • Faber
  • Faase
  • prof. dr. Van Hoepen
  • Van Maanen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2:353 BW
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beschikking inzake deponering onderzoeksverslag over beleid en gang van zaken Fortis N.V.

De Ondernemingskamer Amsterdam heeft op 16 juni 2010 een beschikking gegeven in een procedure waarbij een onderzoek was bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Fortis N.V. vanaf 29 mei 2007. Dit onderzoek werd verricht door drie aangewezen onderzoekers, die hun verslag inclusief bijlagen op 15 juni 2010 aan de Ondernemingskamer hebben aangeboden.

De Ondernemingskamer heeft kennisgenomen van het onderzoeksverslag en de bijbehorende documenten. Gelet op de inhoud van het verslag en de betrokken belangen, heeft de Ondernemingskamer geoordeeld dat het verslag en bepaalde bijlagen ter griffie ter inzage moeten worden gelegd voor eenieder, terwijl overige bijlagen alleen voor belanghebbenden toegankelijk zijn.

Deze beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en vormt een belangrijke stap in de procedure betreffende de beoordeling van het beleid en de gang van zaken binnen Fortis N.V., waarbij meerdere partijen betrokken zijn, waaronder verenigingen van effectenbezitters, aandeelhouders en de Staat der Nederlanden.

Uitkomst: Het onderzoeksverslag over het beleid en de gang van zaken van Fortis N.V. is ter griffie neergelegd en ligt ter inzage conform artikel 2:353 lid 2 BW.

Uitspraak

GERECHTSHOF TE AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
BESCHIKKING van 16 juni 2010 in de zaak met rekestnummer 200.015.810 OK van
1. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid,
VERENIGING VAN EFFECTENBEZITTERS,
gevestigd te 's-Gravenhage,
2. R. PHILIPS,
wonende te Cuijk,
3. W.J.C. MEINE JANSEN,
wonende te Ravenswaaij,
4. H.J.G. DE RUIJTER,
wonende te Maasmechelen, België,
5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
PLUVEZO B.V.,
gevestigd te Meerlo,
6. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
DAALVESTE PENSIOEN B.V.,
gevestigd te Valkenswaard,
7. J.A.M. VAN DAAL-DIELIS,
wonende te Valkenswaard,
8. W.J.J. VAN DAAL,
wonende te Valkenswaard,
VERZOEKERS,
advocaat: MR. G.T.J. HOFF,
t e g e n
de naamloze vennootschap
FORTIS N.V.,
gevestigd te Utrecht,
VERWEERSTER,
advocaten: MR. H.J. DE KLUIVER, MR. C.N. PEIJSTER en MR. R.W. POLAK,
e n t e g e n
1. de organisatie met volledige rechtsbevoegdheid naar Belgisch recht
EUROPEAN SHAREHOLDERS GROUP,
gevestigd te Brussel, België,
2. de rechtspersoon naar buitenlands recht,
PREINVESTMENT HOLDING S.A.,
gevestigd te Luxemburg, Luxemburg,
3. A. OSWALD,
wonende te Luxemburg, Luxemburg,
4. de rechtspersoon naar buitenlands recht,
VOLTA INVESTMENTS LIMITED,
gevestigd te Gibraltar, Gibraltar,
5. G.J. VADER,
wonende te Anyos, Andorra,
6. M.I. LEVA RIOS,
wonende te Madrid, Spanje,
7. A.M. LEVA RIOS,
wonende te Madrid, Spanje,
8. C. LEVA RIOS,
wonende te Madrid, Spanje,
9. E.G.R. BAAK,
wonende te Amsterdam,
10. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid,
BAAK ADVIES B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
11. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid,
RENSEN SHIPBUILDING B.V.,
gevestigd te Zwijndrecht,
12. de rechtspersoon naar buitenlands recht
ORBIT PRIVATE ASSET MANAGEMENT S.A.R.L.,
gevestigd te Antwerpen, België,
BELANGHEBBENDEN,
advocaat: MR. P.W.J. COENEN,
e n t e g e n
13. G.G.W.M. PETERS,
wonende te Capelle aan den IJssel,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: MR. A.J. DE GIER,
e n t e g e n
14. DE STAAT DER NEDERLANDEN,
gevestigd te 's–Gravenhage,
BELANGHEBBENDE,
advocaten: MR. A.R.J. CROISET VAN UCHELEN en MR. T.M. STEVENS.
1. Het verloop van het geding
1.1 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen in deze zaak van 24 november 2008, 5 december 2008, 9 februari 2009, 8 mei 2009, 26 november 2009 en 18 mei 2010.
1.2 Bij de beschikking van 24 november 2008 heeft de Ondernemingskamer - voor zover hier van belang - een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Fortis N.V., gevestigd te Utrecht, over de periode vanaf 29 mei 2007, en drie nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken personen benoemd teneinde het onderzoek te verrichten. Bij de beschikking van 5 december 2008 heeft de Ondernemingskamer dr. F.J.G.M. Cremers, mr. C.E. Drion en drs. C.J.M. Scholtes aangewezen als onderzoekers zoals bedoeld in de beschikking van 24 november 2008.
1.3 De onderzoekers hebben het verslag van het in 1.2 bedoelde onderzoek met de daarbij behorende bijlagen op 15 juni 2010 aan de Ondernemingskamer aangeboden. De griffier heeft het verslag met bijlagen heden ter griffie van de Ondernemingskamer neergelegd.
2. De gronden van de beslissing
De Ondernemingskamer heeft kennis genomen van het verslag van het onderzoek, de bijlagen daaronder begrepen. Lettend op de inhoud daarvan en op de overigens in deze zaak betrokken belangen, acht de Ondernemingskamer termen aanwezig om op de voet van artikel 2:353 lid 2 BW Pro te bepalen dat het verslag ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt als hierna te vermelden.
3. De beslissing
De Ondernemingskamer:
bepaalt dat het verslag van het bij de beschikking van 24 november 2008 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Fortis N.V., gevestigd te Utrecht, tezamen met de bijlagen C-97, C-98 en C-99, ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage liggen voor een ieder;
bepaalt dat de overige bijlagen ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage liggen voor belanghebbenden;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. Ingelse, voorzitter, mr. Faber en mr. Faase, raadsheren,
prof. dr. Van Hoepen RA en mr. Van Maanen, raden, in tegenwoordigheid van mr. Verheggen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 16 juni 2010.