ECLI:NL:GHAMS:2010:BM4511
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- O.B. Onnes
- J.P.F. Slijpen
- A.P.M. van Rijn
- Rechtspraak.nl
Onterecht opgelegde naheffingsaanslagen parkeerbelasting wegens onvrijwillig parkeren auto door politie
Belanghebbende werd in april 2006 aangehouden door de politie terwijl hij in zijn auto zat. De politie parkeerde de auto vervolgens op een parkeerplaats waar parkeerbelasting verschuldigd was. Tijdens zijn voorlopige hechtenis kon belanghebbende noch zijn gemachtigde de auto verplaatsen vanwege beperkingen.
De heffingsambtenaar legde meerdere naheffingsaanslagen op wegens het ontbreken van een geldig betaalbewijs. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond en vernietigde de aanslagen. De heffingsambtenaar ging in hoger beroep en stelde dat belanghebbende als kentekenhouder aansprakelijk was en de aanslagen terecht waren opgelegd.
Het hof oordeelde dat belanghebbende aannemelijk had gemaakt dat hij de parkeerplaats niet zelf had gekozen en dat de politie zonder toestemming de auto parkeerde. Ook kon belanghebbende het gebruik redelijkerwijs niet voorkomen door zijn voorlopige hechtenis en de beperkingen voor zijn raadsman. Het hof verwierp het beroep van de heffingsambtenaar en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Daarnaast wees het hof erop dat de politie niet als zaakwaarnemer handelde, omdat een zaakwaarnemer de auto niet op een plek met parkeerbelasting zou achterlaten. Het hof veroordeelde de heffingsambtenaar tot vergoeding van proceskosten aan belanghebbende.
De uitspraak benadrukt dat naheffingsaanslagen niet opgelegd mogen worden als de kentekenhouder aannemelijk maakt dat een ander tegen zijn wil gebruik heeft gemaakt van het voertuig en hij dit redelijkerwijs niet kon voorkomen.
Uitkomst: Het hoger beroep van de heffingsambtenaar wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslagen worden vernietigd.