ECLI:NL:GHAMS:2010:BL9459
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- C.G. Kleene-Eijk
- M.M.A. Gerritzen-Gunst
- R.G. Kemmers
- Rechtspraak.nl
Vergoeding voor huishoudelijke inspanningen volgens artikel 49 Mudawwana
In deze zaak staat de vraag centraal of werkzaamheden in het huishouden die hebben bijgedragen aan de vermogensaanwas van de andere echtgenoot onder artikel 49 van Pro de Mudawwana vallen en recht geven op vergoeding.
Het hof benoemde het Internationaal Juridisch Instituut (IJI) als deskundige om de betekenis van de bepalingen in artikel 49 te Pro onderzoeken. Het hof concludeerde dat er geen jurisprudentie bestaat over de precieze invulling van de werkzaamheden en inspanningen, maar dat het IJI-rapport voldoende inzicht biedt. De man betwistte dit, maar zijn verzoek tot nader deskundigenonderzoek werd afgewezen.
De woning in Marokko werd verkocht voor €68.717, waarvan na aflossing van schulden €57.411 als vermogen van de man werd vastgesteld. Het hof oordeelde dat de vrouw recht heeft op een vergoeding van 40% van dit bedrag, zijnde €22.964, vanwege haar bijdrage aan het huishouden en opvoeding, die mede mogelijk maakten dat de man vermogen kon opbouwen.
De man werd veroordeeld tot betaling van dit bedrag aan de vrouw, met de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Andere vorderingen in hoger beroep werden afgewezen.
Uitkomst: De man is veroordeeld tot betaling van €22.964 aan de vrouw wegens haar bijdrage aan de vermogensvermeerdering tijdens het huwelijk.