ECLI:NL:GHAMS:2009:BL8496
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep kort geding
- J.P. Fokker
- I.A. Katz-Soeterboek
- E.B. Knottnerus
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ontslag op staande voet wegens vermeend geweld op de werkvloer
In deze zaak staat centraal of het ontslag op staande voet van appellant door Kargro rechtsgeldig is gegeven. Appellant werd op 17 maart 2009 ontslagen wegens vermeend gebruik van lichamelijk geweld tegen een collega op 11 maart 2009. Kargro stelde dat dit niet de eerste keer was dat appellant agressief gedrag vertoonde.
Het hof overweegt dat slechts een deel van de medegedeelde dringende reden, namelijk het incident van 11 maart 2009, in rechte is komen vast te staan. Er is onvoldoende bewijs dat appellant eerder soortgelijk geweld heeft gebruikt. Ook is onvoldoende duidelijk dat appellant wist dat hij ook op grond van andere gedragingen op staande voet ontslagen zou zijn. Verder acht het hof het ontslag onverwijld gegeven omdat Kargro na het incident met voldoende voortvarendheid heeft gehandeld.
De persoonlijke omstandigheden van appellant, waaronder zijn psychische gesteldheid, zijn meegewogen maar rechtvaardigen het gedrag niet. Het hof oordeelt dat het ontslag op staande voet in een bodemprocedure waarschijnlijk niet stand zal houden. Daarom vernietigt het hof het vonnis van de kantonrechter en veroordeelt Kargro tot doorbetaling van salaris en wettelijke verhogingen, met een dwangsom voor het niet verstrekken van een bruto/netto specificatie.
Uitkomst: Het gerechtshof vernietigt het ontslag op staande voet en veroordeelt Kargro tot doorbetaling van salaris en wettelijke verhogingen.