ECLI:NL:GHAMS:2009:BL0938
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.P. Fokker
- I.A. Katz-Soeterboek
- M.L. van der Bel
- Rechtspraak.nl
Muizenoverlast vormt gebrek en rechtvaardigt buitengerechtelijke ontbinding huurovereenkomst
In deze civiele zaak stond centraal de vraag of muizenoverlast in een gehuurd pand een gebrek vormt in de zin van artikel 7:204 lid 2 BW Pro en of dit rechtvaardigt dat de huurder de huurovereenkomst buitengerechtelijk ontbindt en de huurbetalingen opschort.
Het hof stelde vast dat de muizenoverlast sinds medio 2007 bestond en dat de bouwkundige staat van het pand, zoals vastgesteld in een rapport van BouwCheck, de toegang voor ongedierte faciliteerde. De verhuurder was verantwoordelijk voor het onderhoud en het gebrek, terwijl de huurder voldoende had gedaan om de overlast te bestrijden. De muizenoverlast belemmerde het normale gebruik van het pand, waardoor de huurder niet het genot kon hebben dat zij mocht verwachten.
Het hof oordeelde dat de huurder niet verplicht was het pand te exploiteren, omdat geen exploitatieplicht was opgenomen in de huurovereenkomst. Gezien de ernst van de muizenoverlast en het gebrek aan passende maatregelen van de verhuurder, mocht de huurder de overeenkomst buitengerechtelijk ontbinden en de huurbetalingen opschorten.
De grieven van de verhuurder werden afgewezen, terwijl de grieven van de huurder in incidenteel hoger beroep werden toegewezen. Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter voor zover de gevraagde voorzieningen werden geweigerd en vernietigde het voor het overige, waarbij het de huurbetalingen opschorting toestond en de verhuurder veroordeelde in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof oordeelt dat muizenoverlast een gebrek vormt en dat de huurder de huurovereenkomst buitengerechtelijk mocht ontbinden en de huurbetalingen mocht opschorten.