ECLI:NL:GHAMS:2009:BK1674
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Bevestiging maatregel UWV tegen voormalig werknemer wegens belangenverstrengeling en nevenactiviteiten
De appellant, voormalig werknemer van het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI), werd geschorst wegens ongeoorloofde nevenactiviteiten en belangenverstrengeling. Na beëindiging van het dienstverband legde UWV een maatregel op die zakelijke contacten met zijn onderneming voor twee jaar verbood.
Het Bureau Integriteit van UWV voerde een onderzoek uit en stelde vast dat appellant zonder toestemming een onderneming had opgericht, bedrijfsmiddelen misbruikte en vertrouwelijke klantgegevens gebruikte. Appellant betwistte deze feiten, maar kon deze niet weerleggen.
Het hof oordeelde dat UWV niet onrechtmatig handelde door de maatregel op te leggen en te handhaven, gezien het belang van UWV bij integriteit en het publieke belang. De maatregel is tijdelijk en beperkt, en er is geen sprake van misbruik van machtspositie.
De vorderingen van appellant tot intrekking of beperking van de maatregel en tot schadevergoeding werden afgewezen. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en compenseerde de proceskosten in hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vorderingen van appellant af.