ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ3084
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.M. Vrouwenvelder
- D.B. Bijl
- U.E. Tromp
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over vrijstelling omzetbelasting voor duivensportorganisatie
Belanghebbende, een overkoepelend lichaam actief in de duivensport, had €63 omzetbelasting betaald over de verstrekking van vaste voetringen en registratiediensten aan haar leden. Zij maakte bezwaar omdat deze prestaties vrijgesteld zouden moeten zijn als sportbevorderende diensten.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat de duivensport niet als sportbeoefening in de zin van de Btw-richtlijn kon worden aangemerkt, omdat de fysieke inspanning van de duiven niet relevant is. Het Hof herzag dit oordeel en concludeerde dat de wetgever de vrijstelling voor sportorganisaties zoals belanghebbende ongewijzigd heeft overgenomen sinds de Wet OB 1954.
Het Hof stelde vast dat uit de Leidraad Omzetbelasting 1954 volgt dat belanghebbende tot de sportorganisaties behoort en dat noch de parlementaire geschiedenis noch de Btw-richtlijn aanleiding geeft tot een andere uitleg. De eerdere standpunten van de inspecteur werden verworpen. Het Hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en de uitspraak van de inspecteur, en kende de teruggaaf van €63 toe, alsmede proceskosten en griffierecht aan belanghebbende.
Uitkomst: Het Hof verleent teruggaaf van €63 omzetbelasting aan belanghebbende en veroordeelt de inspecteur in de proceskosten.