ECLI:NL:GHAMS:2009:BI6399
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen recht op overbruggingsuitkering voor deelnemers geboren na 1948 ondanks onjuiste voorlichting pensioenfonds
Appellanten, allen geboren in 1949 en deelnemers aan het pensioenfonds, vorderden betaling van een overbruggingsuitkering (OBU) vanaf 57,5 jaar, gebaseerd op informatie die het pensioenfonds hen verstrekte. Het pensioenfonds had in brochures en overzichten onjuist vermeld dat zij in aanmerking kwamen voor deze uitkering, terwijl het reglement dit uitsloot voor deelnemers geboren na 1948.
De kantonrechter wees de vorderingen af, stellende dat het pensioenfonds geen contractuele verplichting had tot betaling van de OBU aan appellanten en dat de informatievoorziening geen onrechtmatige daad opleverde. Het hof bevestigt dit oordeel, benadrukkend dat appellanten niet voldeden aan de voorwaarde van uitdiensttreding en dat de brochure expliciet vermeldde dat er geen rechten aan konden worden ontleend.
Verder oordeelt het hof dat appellanten geen schade hebben aangetoond door de onjuiste informatie, omdat een juiste voorlichting hen niet tot betaling van de OBU had geleid. De incidentele vordering tot voorlopige voorziening wordt eveneens afgewezen. Het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd en appellanten worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen van appellanten af en bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter.