ECLI:NL:GHAMS:2009:BI2717
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.H.A. Scholten
- W.H.F.M. Cortenraad
- M.P. van Achterberg
- Rechtspraak.nl
Verbindendverklaring minnelijke regeling schadevergoeding oud-polishouders Vie d’Or
De zaak betreft het verzoek tot verbindendverklaring van een minnelijke regeling tussen Stichting Vie d’Or, Deloitte, Heijnis & Koelman, De Nederlandsche Bank, de Staat, het Verbond van Verzekeraars en het Compensatiefonds Polishouders Vie d’Or. Deze regeling voorziet in een fonds van circa €45 miljoen ter vergoeding van schade aan oud-polishouders van Vie d’Or, die in financiële problemen kwam en haar levensverzekeringen overdroeg aan Twenteleven met bekorting van rechten.
De rechtbank ’s-Hertogenbosch had in 1993 een noodregeling uitgesproken over Vie d’Or, die in 1995 failliet werd verklaard. De Stichting behartigt de belangen van de oud-polishouders, die hun vorderingen grotendeels aan haar hebben overgedragen. Na diverse rechtsgedingen en arresten van de Hoge Raad is een minnelijke regeling getroffen die door het hof verbindend is verklaard op grond van artikel 7:907 BW Pro.
Het hof oordeelde dat het verzoek aan alle wettelijke vereisten voldoet, waaronder de juiste oproeping van belanghebbenden, voldoende zekerheid over de vergoedingen en redelijkheid van de hoogte van de vergoeding. De regeling wordt gesteund door belangenverenigingen en er is geen verweer gevoerd. De vergoedingen worden verdeeld naar rato van de mate van bekorting van de rechten en kunnen binnen een jaar worden geclaimd. De beschikking bevat tevens bepalingen over mededeling aan gerechtigden en een termijn van drie maanden voor opzegging van de overeenkomst.
Uitkomst: Het hof verklaart de minnelijke regeling verbindend voor de oud-polishouders van Vie d’Or en bepaalt de voorwaarden voor uitvoering en mededeling.