ECLI:NL:GHAMS:2009:BH2136
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- P.H. van Ginkel
- C.G. ter Veer
- B.M. Mens
- Rechtspraak.nl
Beroepsfouten advocaat bij opstellen echtscheidingsconvenant en aansprakelijkheid erven
Appellant stelt dat zijn advocaat, mr. [persoon A.], beroepsfouten heeft gemaakt bij het opstellen van het echtscheidingsconvenant, met name door het niet opnemen van een afgesproken 12-jarige termijn voor de alimentatie en onjuiste voorlichting over wijzigingsmogelijkheden van de alimentatie. Het hof stelt vast dat de advocaat tekort is geschoten in zijn zorgplicht en niet heeft gehandeld zoals een redelijk bekwame vakgenoot betaamt.
De advocaat heeft nagelaten de afspraken duidelijk en schriftelijk vast te leggen en heeft appellant onvoldoende geïnformeerd, ook nadat appellant twijfels uitte over het convenant. De erven, als rechtsopvolgers van de advocaat, worden aansprakelijk gehouden voor de schade die appellant hierdoor heeft geleden.
Het hof oordeelt dat de schadevordering niet is verjaard, omdat appellant pas na 2004 bekend was met de omvang van de schade en de aansprakelijkheid. De eerdere procedures tussen appellant en zijn ex-echtgenote betreffen een andere rechtsverhouding en doen niet af aan de aansprakelijkheid van de advocaat. Het vonnis van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar de schadestaat.
Uitkomst: Het hof verklaart dat de advocaat beroepsfouten heeft gemaakt en veroordeelt de erven tot schadevergoeding aan appellant.