ECLI:NL:GHAMS:2008:BG8021
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- C.A. Joustra
- R.E. de Winter
- J. Wortel
- Rechtspraak.nl
Opschorting dekking ziektegeldverzekering bij niet tijdige premiebetaling
In deze zaak gaat het om een geschil tussen Interpolis en een eenmanszaak over de opschorting van de dekking van een ziektegeldverzekering wegens niet tijdige betaling van de premie over januari en februari 2004. Interpolis had de dekking per premievervaldatum opgeschort en vorderde terugbetaling van uitkeringen die zij had gedaan over die periode.
De verzekeringnemer stelde dat de opschorting niet rechtsgeldig was omdat hij niet was gewaarschuwd en dat artikel 18 van Pro de algemene voorwaarden onredelijk bezwarend was. Ook voerde hij aan dat hij als consument moest worden behandeld, wat het toepassingsbereik van de wettelijke bepalingen zou veranderen.
Het hof oordeelde dat de verzekeringnemer geen consument was omdat hij handelde in de uitoefening van zijn bedrijf, dat artikel 18 geen Pro kernbeding is maar wel toetsbaar aan redelijkheid en billijkheid. Het hof vond artikel 18 niet Pro onredelijk bezwarend, mede gelet op de jurisprudentie en parlementaire geschiedenis, en stelde vast dat een voorafgaande waarschuwing niet vereist is. Het beroep op rechtsverwerking faalde omdat de verzekeringnemer niet aannemelijk had gemaakt dat hij op de praktijk mocht vertrouwen.
Ook de vordering van Interpolis werd voldoende onderbouwd en het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter, waarbij de verzekeringnemer werd veroordeeld tot betaling van de gevorderde bedragen en de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt de verzekeringnemer tot betaling van de premieachterstand en proceskosten.