ECLI:NL:GHAMS:2008:BG5513
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- D.B. Bijl
- E.M. Vrouwenvelder
- W.P. Otto
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake teruggaaf omzetbelasting na te late indiening verzoek
Belanghebbende heeft in mei 2005 een verzoek om teruggaaf van omzetbelasting ingediend met betrekking tot facturen uit 2000 waarop ten onrechte omzetbelasting was vermeld. De inspecteur weigerde aanvankelijk de teruggaaf, stelde deze na bezwaar deels vast en verrekenende dit met naheffingsaanslagen. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en stelde belanghebbende alsnog niet-ontvankelijk wegens te late indiening.
In hoger beroep bevestigde het hof dat het recht op teruggaaf uiterlijk in 2001 was ontstaan, bij de faillietverklaring van C B.V., en dat het verzoek in 2005 te laat was ingediend volgens artikel 33, eerste lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968. Ook werd vastgesteld dat de naheffingsaanslag onherroepelijk vaststaat omdat bezwaar niet tijdig was gemaakt.
Het hof oordeelde verder dat niet aannemelijk was gemaakt dat C B.V. de omzetbelasting niet in aftrek had gebracht, waardoor geen tegemoetkoming aan belanghebbende mogelijk was. De uitspraak van de inspecteur werd vernietigd, belanghebbende werd niet-ontvankelijk verklaard, en de rechtsgevolgen van de inspecteur bleven in stand. Proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Belanghebbende wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek om teruggaaf omzetbelasting wegens te late indiening.