ECLI:NL:GHAMS:2008:BD9007
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.M. Vrouwenvelder
- D.B. Bijl
- J.W. Zwemmer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag en boete wegens niet aannemelijk maken recht op aftrek omzetbelasting
Belanghebbende, onderdeel van een fiscale eenheid, stelde in 2004 omzetbelasting ter hoogte van €1.010 in aftrek. De inspecteur legde een naheffingsaanslag en een verzuimboete op wegens het ontbreken van voldoende inzicht in de aard van de kosten waarop deze aftrek betrekking had.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond en oordeelde dat het winstrecht geen ondernemerschap voor de omzetbelasting opleverde en dat de aftrek van voorbelasting niet gerechtvaardigd was. Belanghebbende stelde in hoger beroep dat de boete moest vervallen wegens een pleitbaar standpunt, maar het hof vond dat geen inzicht in de kosten was gegeven en dat dit geen pleitbaar standpunt opleverde.
Het hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en oordeelde dat de inspecteur het bedrag van €1.010 terecht in de naheffingsaanslag had begrepen. De boete werd eveneens gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 9 juli 2008 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag en boete worden bevestigd.