ECLI:NL:GHAMS:2008:BD4336
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J. den Boer
- P.F. Goes
- D.J. de Korte
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid belastingrechter inzake toepassing artikel 65 AWR bij afdrachtvermindering langdurig werklozen
Belanghebbende, een door het Stadsdeel gesubsidieerde welzijnsinstelling, maakte aanspraak op afdrachtvermindering voor langdurig werklozen voor haar ID-werknemers. De inspecteur legde naheffingsaanslagen op wegens het ontbreken van tijdig aangevraagde WVA-verklaringen, een formele vereiste voor de vermindering.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond voor de opgelegde boetes, maar handhaafde de naheffingsaanslagen. Belanghebbende stelde in hoger beroep dat de inspecteur ten onrechte geen ambtshalve vermindering toepaste, omdat zij materieel aan de voorwaarden voldeed en beriep zich op het evenredigheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel.
Het Hof oordeelt dat de belastingrechter niet bevoegd is om te beoordelen of de inspecteur artikel 65 AWR Pro juist toepast en dat de inspecteur geen beleidsvrijheid heeft bij de toepassing van de wettelijke regeling. Het beroep op het evenredigheidsbeginsel faalt daarom. Het Hof bevestigt het oordeel van de rechtbank en veroordeelt de inspecteur tot vergoeding van proceskosten voor belanghebbende.
Uitkomst: Het Hof wijst het hoger beroep af en bevestigt dat de belastingrechter niet bevoegd is om te toetsen of de inspecteur artikel 65 AWR juist toepast.