ECLI:NL:GHAMS:2008:BC3118
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep kort geding
- P. Ingelse
- N. van Lingen
- E.E. van Tuyll van Serooskerken-Röell
- Rechtspraak.nl
Geen onverkort beroep op huurbescherming bij gemengde huurovereenkomst met zorgverlening
In deze zaak staat centraal de vraag of een huurovereenkomst met levering van diensten, verbonden aan een zorgverleningsovereenkomst, kan worden opgezegd zonder toepassing van de wettelijke huurbescherming. De appellant, een jongvolwassene met een autistische stoornis, woonde in een appartement binnen een begeleid wonen project, waarbij de zorg werd geleverd door een exclusieve zorgaanbieder (SIG) via een persoonsgebonden budget (PGB).
De Stichting Matthias, exploitant van het woonproject, ontbond de overeenkomst nadat de zorgverleningsovereenkomst met SIG was beëindigd. De voorzieningenrechter wees de vordering tot ontruiming toe, maar het hof vernietigde dit oordeel deels. Het hof stelde vast dat de overeenkomst een gemengde overeenkomst is, waarin de zorgverlening het overheersende element vormt, zodat geen onverkort beroep op huurbescherming mogelijk is.
Echter, het hof vond het advies van de deskundige over het ontbreken van perspectief op voortzetting van de relatie niet glashelder. Er was onvoldoende bewijs dat de vertrouwensrelatie tussen partijen onherstelbaar was. Het hof oordeelde dat de Stichting in redelijkheid verantwoording moet afleggen over de zorgkosten, wat kan bijdragen aan herstel van vertrouwen en hervatting van zorgverlening.
Daarom wees het hof de vordering tot ontruiming af en bekrachtigde het vonnis in reconventie. De Stichting werd veroordeeld in de proceskosten. Het arrest werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming van het appartement wordt afgewezen en de Stichting wordt veroordeeld in de proceskosten.