ECLI:NL:GHAMS:2007:BB4505
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.J. Driessen-Poortvliet
- C.G. Kleene-Eijk
- J.E. Geuzinge
- Rechtspraak.nl
Geen co-ouderschap wegens gebrek aan vertrouwen en evenwicht tussen ouders
Partijen zijn in 1995 gehuwd en in 2007 gescheiden. Uit het huwelijk zijn twee minderjarige kinderen geboren die gezamenlijk onder ouderlijk gezag staan en bij de moeder wonen. De vader is in hoger beroep gekomen tegen de beslissing van de rechtbank die geen co-ouderschapsregeling heeft vastgesteld en het verzoek tot forensische mediation heeft afgewezen.
De vader stelt dat hij een belangrijke zorgrol had tijdens het huwelijk en dat co-ouderschap in het belang van de kinderen is. Hij vindt dat de rechtbank ten onrechte alleen naar de wil van de moeder heeft gekeken en dat de communicatie tussen ouders voldoende is om co-ouderschap mogelijk te maken. De moeder betwist dit en vreest dat co-ouderschap de kinderen zal schaden vanwege de druk die de vader op hen uitoefent. Zij is ook tegen forensische mediation vanwege ongelijkwaardigheid en financiële redenen.
De Raad voor de Rechtspraak adviseert de beschikking van de rechtbank te bekrachtigen omdat de communicatie tussen ouders onvoldoende is voor een goede co-ouderschapsregeling en dat mediation niet effectief zal zijn als een ouder niet meewerkt. Het hof overweegt ook dat het verzoek van de vader tot een gebruiksvergoeding van de moeder voor de woning wordt afgewezen, mede vanwege haar beperkte financiële draagkracht.
Uiteindelijk bekrachtigt het hof de bestreden beschikking en wijst alle grieven van de vader af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking dat geen co-ouderschapsregeling wordt vastgesteld en wijst het verzoek tot forensische mediation en gebruiksvergoeding af.