ECLI:NL:GHAMS:2007:AZ8223
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.H.M. Possen
- M.E. van Hilten
- M.J. Kuiper
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over indeling van gasgevulde ballonnen in het Gemeenschappelijk douanetarief
De zaak betreft een beroepschrift van een besloten vennootschap naar Amerikaans recht tegen een uitspraak van de Belastingdienst/Douane inzake de indeling van bepaalde gasgevulde ballonnen in het Gemeenschappelijk douanetarief. Het hof verwees de zaak aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen met prejudiciële vragen over de uitleg en geldigheid van Verordening (EG) nr. 442/2000.
Het Hof van Justitie oordeelde dat er geen feiten of omstandigheden zijn die de geldigheid van deze verordening aantasten en bevestigde dat de betreffende ballonnen terecht zijn ingedeeld onder post 9503 90 32. Belanghebbende betwistte nog de kwalificatie van de ballonnen als speelgoed en feestartikelen, maar het hof verwierp deze bezwaren.
De Douanekamer van het Gerechtshof Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de indeling van de ballonnen in de bindende tariefinlichting. Er werd geen veroordeling in proceskosten uitgesproken. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de indeling van de ballonnen onder post 9503 90 32 bevestigd.