ECLI:NL:GHAMS:2006:AZ4607
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Beschikking gerechtshof over klacht niet vervolgen politie na overlijden arrestant door mogelijke positionele asfyxie
Nabestaanden van een arrestant die in juni 2003 overleed na incidenten in een politiebureau te Amsterdam dienden een klacht in tegen het besluit van het Openbaar Ministerie om betrokken arrestantenverzorgers en politieambtenaren niet strafrechtelijk te vervolgen. De arrestant vertoonde verward en onrustig gedrag, werd aangehouden en vertoonde tijdens detentie meerdere incidenten, waaronder een worsteling in een observatiecel waarbij hij buiten bewustzijn raakte.
De sectie en toxicologisch onderzoek konden geen directe doodsoorzaak aanwijzen, maar wezen op ernstige hersenschade door zuurstoftekort, mogelijk veroorzaakt door positionele asfyxie tijdens de immobilisatie. Het hof constateerde dat het optreden van de politieambtenaren gericht was op controle en immobilisatie, zonder opzet op doodslag, maar twijfelde aan de proportionaliteit van het gebruikte geweld en vond nader onderzoek noodzakelijk.
Het hof gelastte een gerechtelijk vooronderzoek met reconstructie van de worsteling en medisch deskundigenrapportage, gericht op het vaststellen of het optreden van arrestantenverzorgers disproportioneel was en of positionele asfyxie heeft bijgedragen aan het overlijden. Voor andere incidenten en betrokkenen wees het hof de klacht af. De beschikking is onherroepelijk.
Uitkomst: Het hof gelast een gerechtelijk vooronderzoek naar de worsteling in de observatiecel en wijst de klacht voor het overige af.